Door de Oostkantons naar de Schwarzer Mann

Niet te warm, rond 20 graden en nagenoeg droog was de voorspelling. Zo ben ik naar Robertville gereden om vandaar uit naar de Schwarzer Mann te fietsen, een heuvelrug met top op 697 m hoogte, ten noorden van Prüm.

Bij aankomst bleek dat mijn beoogde parkeerplaats aan het meer van Robertville met politielinten was afgezet. Ik reed daarom iets door naar Camping du Lac. Daar was net een vrouw aanwezig om haar hond uit te laten. Ze vertelde me dat het afgelopen weekend aan het meer te druk was met bezoekers, en i.v.m. corona heeft de politie de parkeerplaatsen afgesloten. Ze beëindigde het gesprek door me een behouden rit toe te wensen: “Möchte Jesus mit ihr sein”, ja in het Duits want Robertville ligt in de Oostkantons waar overwegend Duits wordt gesproken.

Helaas, haar toewensing kwam niet helemaal uit want na 37 km (na enkele keren door het mooie Warchedal te zijn gefietst en over het goed geasfalteerde fietspad over de voormalige spoorlijn Vennquerbahn) in de klim vanuit Manderfeld (B) naar Auw bei Prüm (D), wilde ik achter terugschakelen maar er kraakte wat in de versnellingshendel (shifter). Achter schakelen was niet meer mogelijk, op hangen en wurgen kwam ik (al slingerend over de weg) met 34 – 14 boven. Dat is natuurlijk niks zo, dus ik besloot om naar Bleialf te fietsen, een iets grotere plaats in de buurt. De klim naar de Schwarzer Mann in de Schneifel (697 m hoog) liet ik maar voor wat ie was. Een super behulpzame supermarkteigenaar zei dat er in Prüm een goede fietsenzaak zit (hij belde ook nog op of ze in racefietsen doen en Shimano). En hij raadde me aan om via de fietspaden over voormalige spoorlijnen in het Alfbachdal en Prümdal te fietsen: een hartstikke goede tip, want dan kom ik geen enkele klim tegen. Het was wel 22 km fietsen er naar toe, maar goed dat is het wel waard.

Helaas bleek in de fietsenzaak dat het mechaniek in de shifter kapot is, en dat betekent een nieuwe shifter, die hadden ze niet liggen. Dus vroeg ik ze (met mijn bandana als mondkapje gebruikend, anders mocht ik niet binnen) de ketting op een kleinere versnelling te leggen zodat ik klimmetjes nog redelijk kon doen. Na afrekening van 99 cent (die ene cent mochten ze houden van mij) ging ik op pad met een alternatieve route die ik in de winkel had uitgestippeld om weer op de oorspronkelijke route richting België te komen. Wel leuke route en redelijk goed te doen met deze versnelling. Nabij Bleialf belandde ik weer op mijn oorspronkelijke route. In Schönberg in het prachtige dal van de rivier de Our, stond me een pittig klimmetje te wachten het Ourdal uit. Echter ondanks de max. 16% viel het wel mee, overigens een zeer eenzaam weggetje in prachtig landschap (de klim staat bekend als de Werether Höhe). In Heppenbach deed ik even pauzeren in een buurtsuper, en ook hier weer zeer vriendelijke mensen. Ze boden me zelfs aan om me met de auto naar Robertville te brengen vanwege mijn schakelperikelen. En ze hadden een tip dat er in Schönberg een zeer goede fietsenzaak zit. Had ik dat maar eerder geweten, want Schönberg ligt op de route en was dichterbij Bleialf dan Prüm. Ik ging weg en de eigenaresse holde me nog achterna om een visitekaartje te geven van haar vakantiewoning voor 6 personen: komende maandag ontvangt ze voor het eerst weer gasten.

En zo eindigde de rit een stuk later dan gepland. Maar het is een mooi gebied, zeker rond de rivierdalen zoals die van de Warche en Our. En er liggen uitstekende geasfalteerde fietspaden over voormalige spoorlijnen om doorgaande wegen te vermijden (zoals de Vennbahn en de Vennquerbahn, en in het Alfbachdal en Prümdal die ik vandaag dus onbedoeld had genomen). Rond Schönberg liggen nog enkele andere mooie beklimmingen die in een route te verwerken zijn (de Meyeroder Kapel en de Treisbacher Berg). En tot slot: in dit deel van België kun je met Duits terecht, ideaal (beter dan dat Frans).